Goed en voldoende slapen zorgt er bij iedereen voor dat je uitgerust de dag begint, meer kunt hebben en minder snel ziek wordt. En slaaptekort hangt ook samen met een grotere kans op overgewicht. Dit geldt voor volwassenen maar zeker ook voor je peuter.

Peuters hebben gemiddeld tussen de 12 en 13 uur slaap per dag nodig. Met een kort middagdutje en een nachtrust van zeven tot zeven komen peuters daar snel aan.

Zijn er periodes waarin je peuter niet wil gaan slapen? Kijk dan goed naar het dagritme van je peuter.

  • Weet je peuter waar hij/zij aan toe is? Is er een vast ritme in de dag en zijn er vaste rituelen voor het slapengaan? Nog niet? Bedenk dan een vast ritme voor alle dagen van de week. Zorg dat het haalbaar is en past bij je peuter en je eigen ritme. Maak daarbij een vast ‘slaap-ritueel’. Bijvoorbeeld: douchen, pyjama aan, tandenpoetsen, boekje lezen op bed, onderstoppen, lamp uit. Na een tijdje zal je verandering zien.
  • Is het overdag te druk, zodat je kind niet rustig kan slapen? Een peuter doet op een dag veel nieuwe indrukken op, zorg dat hij/zij genoeg tijd krijgt om deze te verwerken. Hoe doe je dat? Bouw rustmomenten in en praat over wat hij/zij gedaan heeft en eventueel nog gaat doen. En de belangrijkste tip: plan de dag niet te vol.
  • Is je peuter niet moe? Ga dan elke dag lekker met je peuter naar buiten, een eind lopen, lekker voetballen of in de zandbak spelen. Nog een extra tip: zet de auto iets verder weg en wandel naar de winkel of het kinderdagverblijf en weer terug.
  • Kijkt je peuter vaak naar een beeldscherm? Dit kan er ook voor zorgen dat hij/zij niet goed kan slapen. Ook al zit je peuter niet zelf op de computer, tablet of tv, als deze schermen de hele dag aanstaan in de woonkamer, ziet je peuter ze wel. Daar krijgt hij/zij veel prikkels van binnen, dus probeer dit te beperken. 
  • Slaapt je peuter veel overdag? Kijk of hij/zij ’s avonds iets later naar bed kan of probeer het middagslaapje korter te maken.