| Onderzoek groepsfunctioneren |
Kinderen die op een kinderdagverblijf komen, horen bij een groep. Deze groep heeft niet alleen een eigen groepsruimte en pedagogisch medewerkers. Deze groep bestaat ook uit andere kinderen. Iedere keer dat ze op het kinderdagverblijf zijn, komen ze deze kinderen tegen. Ze hebben onderling contact: ze slapen, eten en drinken samen, ze kijken naar elkaar, spelen naast of met elkaar, hebben samen plezier, maar soms ook ruzie, troosten en helpen elkaar enzovoort. Groepsfunctioneren draait om contacten tussen kinderen. De veronderstelling is dat in elke groep deze contacten op een bepaalde manier georganiseerd zijn. De contacten tussen kinderen in een groep vertonen als het ware een bepaald patroon. Elke groep heeft een eigen 'patroon'.
Onderzoek duidt erop dat de onderlinge verbondenheid in een groep en het emotionele klimaat invloed hebben op de sociaal-emotionele - en verstandelijke ontwikkeling van kinderen. Het groepsfunctioneren lijkt dus belangrijk te zijn voor de kwaliteit van de opvang. Om groepsfunctioneren te kunnen onderzoeken moet je het kunnen vaststellen of meten. Omdat dit meetinstrument nog niet bestaat, gaan we dit in het kader van het onderzoek met behulp van een groot aantal proefobservaties ontwikkelen. In de eerste fase van het onderzoek hebben we de observaties vastgelegd met behulp van een digitale camcorder. Op deze manier konden we heel goed zien wat er zich in een groep tussen kinderen afspeelde. Tegelijkertijd verzamelden we beelden van situaties die duidelijk maken wat we onder groepsfunctioneren verstaan. Deze beelden gebruiken we om studenten te trainen in het observeren van het groepsfunctioneren. Daarnaast gebruiken we de beelden om binnen of buiten KION het begrip ‘groepsfunctioneren' te verhelderen. Om de kwaliteit van de kinderopvang te verbeteren is het belangrijk dit begrip breed onder de aandacht te brengen. Op het moment dat we het groepsfunctioneren kunnen 'meten', komen we in de volgende fase van het onderzoek. Dan kunnen we het relateren aan zaken als groepsomvang, leeftijdsopbouw, handelen pedagogisch medewerkers, inrichting van de ruimte enzovoort.
14 november 2011 Groot deel observatie uitgevoerd In de periode november 2010 - mei 2011 hebben dertig groepen meegedaan aan het onderzoek. Dit betrof zeventien verticale en dertien peutergroepen. Elke groep is twee keer geobserveerd. Hierbij lag de nadruk op de contacten tussen kinderen, maar ook de pedagogisch medewerkers zijn gefilmd. Winter 2011/voorjaar 2012 willen we nog zo'n twintig groepen observeren. Verwerken schriftelijke data Er zijn niet alleen video-opnames gemaakt, maar ook schriftelijke data verzameld. De kwaliteit van de inrichting, het spelmateriaal en de dagstructuur zijn gescoord. Locatiemanagers en pedagogisch medewerkers hebben vragenlijsten ingevuld over hun leeftijd, opleiding, ervaring, of ze met VVEe werken, de geboortedata van de geobserveerde kinderen, op welke dagen en hoe lang ze al naar het kinderdagverblijf komen etc. Verder hebben pedagogische medewerkers en ouders korte vragenlijstjes over de kinderen ingevuld. In de zomer van 2011 zijn de meeste schriftelijke data ingevoerd in een database. Zo kunnen ze gebruikt worden voor statistische analyses. Scoren van de videobeelden Uit de videobeelden van de groep kinderen zijn geschikte episodes van drie minuten geselecteerd. Dit zijn opnames waarop doorlopende 'vrij spel' of 'wacht' situaties staan. Deze zijn per groep achter elkaar geplakt. Sinds september 2011 is een student-assistent bezig om deze episodes op verschillende schalen te 'scoren'. Deze schalen betreffen het groepsfunctioneren. Natuurlijk is de student-assistent eerst getraind in het scoren en wordt regelmatig gecontroleerd of haar scores 'betrouwbaar' blijven. Als alles meezit zijn najaar 2012 alle videobeelden gescoord, ook van de groepen die we nu nog moeten observeren. Relatie van groepsfunctioneren met andere factoren Zodra alle data in een database staan, kunnen we de relatie van groepsfunctioneren met andere factoren berekenen. Dan pas worden de eerste echte resultaten duidelijk. Voordat deze naar buiten gebracht kunnen worden, moeten deze eest beschreven en gepubliceerd worden in een of meer artikelen in een wetenschappelijk tijdschrift. Terugkoppeling naar groepen en ouders Zoals het er nu voorstaat, kunnen deelnemende groepen eind 2012 worden geïnformeerd over de resultaten van 'hun groep'. De meeste ouders van kinderen die gefilmd zijn, hebben over hun kind een korte vragenlijst ingevuld. Zij worden naar verwachting eind 2011 geïnformeerd over hoe hun kind 'gescoord' heeft in vergelijking met andere kinderen van dezelfde leeftijd. 14 december 2010 Het hierboven genoemde meetinstrument om groepsfunctioneren te kunnen vaststellen of meten is inmiddels, met behulp van een groot aantal proefobservaties, ontwikkeld. Op dit moment is het 'echte' onderzoek in volle gang. Bij ongeveer 60 kinderdagverblijven, binnen en buiten KION, worden observaties uitgevoerd. Elke groep wordt gedurende twee dagen gefilmd. Geprobeerd wordt een zo volledig mogelijk beeld van de contacten tussen kinderen in de groep vast te leggen. We zijn niet zozeer geinteresseerd in individuele kinderen, als wel in de groep als geheel. Naast de kinderen worden ook de pedagogisch medewerkers kort gefilmd. Daarnaast verzamelen we informatie over o.a. groepsopvang, leeftijdsopbouw, verhouding meisjes/jongens, groepsruimte, inrichting, materialen en aard van de kinderen in de groep. Wilt u meer weten over dit onderzoek? Bent u geinteresseerd in de (engelstalige) eerste publicatie? |
